2e Legerdivisie - 16e Linie

Het dapper regiment dat op 26 December 1916 op den IJzer gevormd werd door ontdubbeling van eenheden van het 6e Linie, die zich in October 1914 te Ramskapelle hadden onderscheiden, maakte, met het 7e en het 17e Linie, de 8e Infanteriedivisie uit.

Het 16e Linie bezette in 1917 den sector van Diksmuide en in 1918 dien van Ramskapelle-Pervijze.

Den 28n September 1918 bevindt het regiment zich op den uitersten rechtervleugel van het Belgisch aanvalsfront en neemt er deel aan de verovering van den beruchten kam van Passchendale, waarna het Moorslede inneemt en tot Sint-Pieter vooruitdringt.

Zware verliezen geleden hebbende, wordt het 16e Linie in den nacht van 9 op 10 October afgelost en begeeft het zich naar Koksijde en Sint-Idesbald waar het opnieuw gevormd wordt. Het vertrekt naar Diksmuide, neemt bij den dageraad van 17 October deel aan den slag Torhout-Tielt en werpt de Duitsche achterhoeden te Herbergsbeek en te Beernem met geweld achteruit.

Opgesteld ten Westen van het kanaal der Leie, levert het 16e Linie, op 30 en 31 October, nog hevige gevechten; op den Westeroever van het kanaal van Schipdonk biedt het ‘t hoofd aan een hevigen Duitschen tegenaanval, aanrukkend uit Zomergem.

Den 3n November hernam het regiment zijne opmarsch; het stak, ten Zuiden van Gent, de Leie over en kwam enkele dagen voor den wapenstilstand aan te Sint-Denijs-Westrem.

Van af zijne vorming tot op 11 November 1918 had het 16e Linie 765 man verloren aan dooden, gekwetsten en vermisten.

Wegens de roemvolle vermeldingen: Antwerpen, IJzer, Ramskapelle en Moorslede heeft het Regiment, - dat in 1926 werd ontbonden, - den Nestel in de kleuren der Leopoldsorde verworven.